IK als HSP’er

Het ging de laatste schrijfsels regelmatig over het burn-out kantje die ik de laatste maanden te vaak van dichtbij zag. Dat het schrijven me reeds goed hielp is een understatement maar anderzijds is er ook het gegeven dat ik HSP’er ben…en blijf 😉

Er zijn reeds duizenden artikels geschreven over wat HSP is dus de theoretische omschrijving zal ik jullie besparen maar voor wie graag wil weten hoe het voor mij is, lees zeker verder.

Al te vaak denkt men dat HSP een aandoening is maar in de 16 jaren dat ik er al weet van heb, is het iets wat ik overwegend als mooi en intens kan omschrijven.

HSP heb je niet, HSP ben je, het is een stukje van je of je het wil of niet. Het komt er op neer dat mensen die HSP’er zijn de zintuigelijke dingens des levens veel intenser beleven. Dankzij HSP besef ik dat genieten van iets, iets is wat in 10-voud wordt uitvergroot en dus kan iemand die HSP’er is genieten van de kleine dingetjes als geen ander.

Een tsjilpende vogel, het gelach van een kind die opgaat in een spel, de geur van het vers afgereden gras, het explosieve genot van smaken, het zien en aanvoelen van iemand die gelukkig is, de schittering van de zon die door de takken van de bomen speelt…op rustige momenten is het iets wat intens gelukkig maakt en doet beseffen dat geluk geen geld kost.

hsp-hooggevoelig-opsomming-1 (2).jpg

Voor mij is het een soort van gave die jaren geleden de verduidelijking gaf waarom ik me ‘anders’ voelde en waarom ik sommige dingen dacht, voelde, zag en hoorde. Nee, ik hoor geen stemmetjes, ik hoor ook niet ‘beter’ of ‘slechter’ maar ben gewoon alerter voor omgevingsgeluiden. En nee ik weet niet wat een ander denkt maar ik voel soms wel aan welke stemming er heerst bij iemand ookal doet men nog zo hard zijn best om het weg te stoppen.

Maar al te vaak denk ik dan vanuit mijn onzekerheid en/of empatisch vermogen dat ik of er iets mee te maken heb of er iets kan aan doen. Bijkomend weet ik dat onduidelijkheid (van mezelf en/of van de ander) de zaken alleen maar erger kunnen maken. Ook het overnemen van de stemmingen/emoties van een ander zijn me niet onbekend en  het gebeurd soms zonder dat ik het door heb. Emoties van mezelf, emoties van een ander, de soms intense beleving hiervan, het zorgt vaak voor veel verwarring en onduidelijkheid en kan me heel moe maken. Mijn grenzen op emotioneel vlak aangeven is dus heel belangerijk voor mijn ‘feel good mood’. Vandaar dat er soms mensen zijn die me helemaal niet als emotioneel maar eerder als afstandelijk kunnen ervaren.

Overgevoeligheid voor licht is iets wat me ook vaak parten speelt. Denk daarbij niet alleen aan discolichten die aan en uit flikkeren als een jojo met duracellbatterijtjes maar ook aan de heel normale, dagelijkse en vaak voorkomende vormen van licht zoals TL lampen, (te fel )zonlicht, krachtige ledlichtjes…

Enerzijds weet ik dat licht een prachtig schouwspel kan opleveren waar ik ook intens kan van genieten maar tegelijk maakt het heel moe. Dat ik er niet moet inkijken weet ik uiteraard al van kinds af aan maar zelfs een schittering van een te sterk licht in een klein uithoekje van mijn oog kan aanvoelen alsof er een cameraflits recht in mijn oog scheen.

Bij het negeren daarvan volgt er redelijk snel een branderig gevoel achter mijn oogkasten alsof er een vuurflits langs mijn ogen naar binnen sloop om uiteindelijk mijn hersenen oververhit te maken, het gaat vaak gepaard met een vreemde ervaring in mijn ogen en mijn hoofd. Zelfs bij het sluiten van mijn ogen, schijnt het licht nog even fel na, het drukt mijn ogen naar binnen en naar buiten tegelijkertijd en zorgt ervoor dat mijn hoofd net niet openbarst van de pijn.

En dan mijn oren, het is soms een geschenk en soms een vloek. Als het rustig is in mijn hoofd kan ik ze allemaal onderscheiden van elkaar. Een voorbeeld, ik lig op bed met het raam open. Buiten spelen er kinderen, is er getsilp van een vogel en enkele tuinen verder wordt het gras afgereden….ik hoor het allemaal maar kan perfect het onderscheid maken vanwaar het komt, wat dicht en ver is, wat luid en stil is. Ik geniet intens van elk geluidje apart, de niet ‘harde’ geluiden klinken zo als ze moeten zijn…zacht met een vleugje van geluk en ze brengen een glimach op mijn gezicht en een glinstering in mijn ogen.

Maar als het te druk is in mijn hoofd (door eender welke reden) dan zijn de spelende kinderen, de tsjilpende vogel en de buurman met zijn grasmachine zaken die precies naast mijn oren staan. Om ter luidst proberen ze mijn hoofd binnen te geraken, hun ‘onbedoeld’ vreselijk lawaai lijkt een ander toonhoogte te hebben dan wanneer er wel rust is. En mijn oren vullen zich met alle geluiden die er eventueel bijkomen.

Het geritsel van papier, een hap die wordt genomen in een appel, het getokkel op het toetsenbord, iemand die ademt…stuk voor stuk worden die geluiden ervaren als nagelgekras op een krijtbord. Alles samen dringen ze als een valse fanfare mijn beide oren binnen om in mijn hoofd een symfonie te spelen van helse geluiden, met een volume die onmeetbaar is.

Dat vullen van de oren is echt fysiek voelbaar, ik voel dan een vreselijke spanning in mijn oren alsof ik te grote oordopjes in heb. De spanning in mijn oren creëert een druk op mijn trommelvlies die zowel van buitenaf als van binnenuit komt, het negeren daarvan kan ik simpelweg niet want dit zou betekenen dat ik op een bepaald moment de neiging zou hebben om tegendruk te geven en blijvende schade toe te brengen aan mijn trommelvlies. Ooit zag ik in een film iemand knettergek worden van geluid, uit pure wanhoop duwde hij iets in zijn oor…tuurlijk was dat fictie maar ik kon me het gevoel zo voorstellen. Alles om verlichting te brengen in die oren en in het hoofd moet dat personage hebben gedacht. Gelukkig besef ik op zulke momenten wel altijd dat dit geen oplossing zou zijn. Nee, als mijn gehoor overprikkeld is ben ik weg. Op zoek naar rust en stilte, in mijn oren en in mijn hoofd.

Enkele dagen geleden kreeg ik de vraag van mijn arts of ik op een of andere manier voor mezelf kan aanvoelen wanneer er een grens moet worden gesteld. Dat ik op emotieel vlak hiervoor opzoek ben naar positief egoïsme, aka zelfzorg is 1 iets. Maar dat het stellen van die grenzen soms ook energie vraagt, geeft aan dat ik op gebied van emoties nog een lange weg heb te gaan.

Wat licht betreft is het eenvoudig, geen rust of te moe = vermijden van voor mij te felle lichten. En ook wat lawaai betreft is het vermijden van drukte, het opzoeken van stilte het enige wat ik kan doen. Maar…

‘Dat zijn zaken die aangeven dat ik ergens over een grens ga’ Wat voel ik er net voor?

De uitlokkende factoren zijn bepaald, de lapmiddeltjes zoals er zijn duidelijkheid, rust, stilte, schrijven,…ze werken en soms heb ik er veel van nodig soms weinig.

Maar de vraag naar ‘voorkomen van’…blijkt dus niet enkel voor burn-out te spelen maar ook voor overprikkeling. Wat voel ik net voor ik overprikkeld geraak? Nog geen idee op vandaag maar tijd brengt antwoorden. De fase van zelfbewust zijn werd de laatste dagen duidelijker, het belang van zelfzorg nogmaals bevestigd.

Maar gelukkig ervaar ik ook terug meer en meer dat HSP’ er zijn, gelijk staat aan eenvoud, schoonheid, authenticiteit… IK voel me al meer terug IK, terug echter 🙂

49831864_10218340606009536_1999796163825369088_n

Advertenties

Voorkomen is beter dan genezen!?

Iedereen kent het wel, ooit moest je er heen voor school en later voor het werk. Voor een groot deel mensen is het nog steeds iets wat nu eenmaal bij de jaarlijkse to do’s hoort en voor anderen (zoals ik) is de wetgeving zoveel verandert dat we er zelden tot nooit meer naar toe moeten. Zonder over de wetgeving uit te wijden komt het er op neer dat er zelf kan worden gevraagd om langs te gaan.

Sinds ik terug aan het werk ben is het dan ook een vraag die al enkele keren in mijn hoofd oppopte. Wat ik aanvankelijk vreemd vond want vroeger stond ik nooit te springen om een plastic potje op bevel te vullen, geluidjes in mijn oren te laten blazen, tekeningetjes te bekijken en nog andere zaken die vooral gericht zijn op het fysieke presteren en dus meestal ook maar fysieke problemen aan het licht brengen.

Het is in mijn geval dan ook iets wat gewoon nog niet ten volle aan bod kwam. Na de chrash was het eerst en vooral een kwestie om zowel de fysieke en medisch overduidelijk aantoonbare diagnose aan te pakken. Om vervolgens toch nog te horen dat ik naast wat aantoonbaar is toch ook nog met een andere diagnose aan de slag moest.

Het ‘aanvaarden’ van de burn-out symptomen, het is iets waar ik op dit moment geen moeite meer mee heb en waarvan ik schrik dat het toegeven alleen al zorgde voor grote stappen richting vooruit.

Maar vanwaar kwam het? Waarom heb ik het niet zien aankomen? Met die vragen was ik de laatste weken bezig en tot mijn eigen verwondering kom ik tot de vaststelling dat ik al bezig was van voor mijn chrash. Dat ik op ieder vlak in mijn leven aan het ontsporen was, was me deze zomer nog niet duidelijk maar instictief pakte ik toch al enkele prive-issues aan. Mentaal was ik al veel langer gechrast zo blijkt maar fysiek had ik iets meer reserve.

Het bleek echter net te laat want ook die fysieke grens werd heel langzaam overschreden. Alsof ik net voor de finisch in elkaar zakte maar met alle kracht mezelf vooruitsleepte naar wat ik dacht de finisch te zijn. Het bleek het ‘randje’ van iets heel anders te zijn…

Maar ook dit werd ondertussen aan gepakt. En net zoals alles wat reeds werd aangepakt is er ook de nodige aandacht voor de preventie.

Nu weken later is er echter nog een iets, nog een onderdeeltje waar ik ook teveel van mezelf heb gegeven de voorbije jaren…my JOB!

Wat ik zelf kan doen is duidelijk, dat ik mijn grenzen moet durven aangeven en dus ook mezelf moet durven zijn en dat ik dat, ondanks de bijhorende stroefheid, moet blijven doen. Maar dus ook dat ik best eventjes langs ga bij het medisch onderzoek, al was het maar voor een beetje helderheid rond mijn prangende vraag “Wat kan er preventief worden gedaan?”

Wanneer ik tegenover de arts zit hoor ik mezelf tot mijn eigen verwondering zeggen dat ik niet akkoord ga met de stelling dat burn-out een werkgerelateerde aandoening is.

Ok, ik zat op het randje en weet dus misschien niet ten volle wat het is maar dat het randje er door een combinatie van verschillende factoren kwam en dus niet louter en alleen door het werk is iets waar ik geen seconde aan twijfel. Na mijn verhaal te doen en toe te lichten hoe ik mijn herstel tot nu toe aanpakte, is mijn verwondering nog groter als ik hoor dat ik wel een punt heb als ik zeg dat het eerder aan de ‘race’ des levens ligt. Maar op mijn kernvraag blijft het stil…

Hoe maak je dit bespreekbaar? Want nu ik voor mijn gevoel heb gevonden welke richting ik uit moet is het ook nodig om te kijken hoe dit in het dagdagelijkse kan worden gepast.

En uiteraard is dit een stukje zelfzorg maar toch…als ik rond me kijk zie ik dat het een taboe is die dringend moet doorbroken worden. Bijna zou ik zeggen dat ik er van wakker lig maar daarvoor let ik teveel op mijn slaap de laatste maanden 😉

Al kan ik niet ontkennen dat ik het een spijtige zaak vind dat er blijkbaar weinig bestaat rond preventie van burn-out. Voor het stukje zelfzorg ben ik enerzijds dan wel zelf verantwoordelijk maar anderzijds is het eveneens zo dat er nog te weinig geweten is wat er dan op werkgebied kan worden gedaan terwijl de perceptie dat het een werkgerelateerde aandoening is volop leeft en in vele gevallen is dit stukje ook het eerste wat men aanpakt.

Al wil ik niet te negatief doen hierover, mijn zoektocht is en blijft iets wat ik als positief wil blijven ervaren. Ik kan uiteindelijk besluiten dat hoe klein het stapje is die het medisch onderzoek me gaf, het toch ook een stapje vooruit is. Het maakt me benieuwd wat het uiteindelijk met zich zal meebrengen, hoe ik dit puzzelstukje kan doen passen in mijn herstel. En hoe ik binnenkort mijn focus kan/zal/wil verleggen van herstel naar voorkomen van….to be continued!

voorbeeld-quote-burn-out-is-niet-een

Daar trek IK een lijn!

Hoe het nu met me gaat? Of het al beter is? Dit en nog vele varianten ervan krijg ik regelmatig te horen. Meestal zijn ze oprecht en zijn ze de aanzet tot een gesprek die een wederzijdse inprint nalaat.
Soms ook heel onverwacht…wanneer ik onlangs de vraag kreeg van een collega waar ik een normaal contact mee had was ik ontroerd door de oprechtheid die weerklonk.
Niet de typische, vluchtige versie die eerder ontstaat uit een ingeburgerd domino-effect maar de ‘nu we even tijd hebben, wil ik je laten weten dat je het ook kan/mag zeggen als het niet zo goed zou gaan.’ Een heel eenvoudige, oprechte “Hoe gaat het nu echt met jou?” kreeg dan ook een heel eerlijk antwoord.

Maar wanneer de vraag duidelijk eerder uit een aangeleerde vriendelijkheid komt en het antwoord heel vaag moet blijven is dit dan ook kort en snel. “Goed!” zeggen en me al schuldig voelen omdat ik lieg. Of ‘dat gaat’, ‘op ’t gemakske’ ‘ca va’…zijn de vele varianten die dus vaak als antwoord worden gebruikt.
Soms probeer ik wel eens om vlakaf “Slecht!” te zeggen. Moet kunnen toch?
Enerzijds werkt de eerlijkheid als een opluchting anderzijds is het dan ook wel duidelijk dat dit antwoord niet wordt verwacht en soms zelfs niet wordt getolereerd.

Om hiermee om te gaan heb ik ondertussen enkele zaken toegepast die wel werken. Uiteraard moet ik de standaardantwoorden blijven gebruiken maar afhankelijk van wie de vraag komt (en van de tijd die die persoon heeft) wijk ik hier van af indien nodig.
Maar heel vreemd zal het klinken als ik vertel dat ik af en toe in de spiegel kijk en de vraag aan mezelf stel. Zo dus ook de laatste dagen…

“Het voelt goed” gevolgd door een “tis te zien op welk vlak” De tegenstrijdigheid in die 2 antwoorden geven me de indruk dat ik me op een evenwichtsbalk bevind.
Rustig blijven, ademen, op de houding letten, op de voeten letten, de rand in het oog houden en tot slot niet vergeten om vooruit te gaan. De ene dag voelt het aan als een spannend iets want waar de balk uiteindelijk uit zal uitkomen is nog niet duidelijk, de andere dag is net dat feit de oorzaak dat er een angstig gevoel naar boven sluipt. Zoekend naar een plaatstje in mijn hoofd om daar te malen en me te herinneren aan het feit dat ik ieder moment naar beneden kan tuimelen. Dus ja, ik ga nog wat traag vooruit (letterlijk en figuurlijk) en af en toe ga ik misschien zelfs op de balk zitten om wat rust te nemen. En gelukkig wordt dat meestal wel begrepen. Met de nadruk op meestal.

Het is namelijk zo dat mijn rust soms wordt verward met gelatenheid, dat de grenzen die ik nu stel soms overkomen als demotivatie en dat de traagheid me niet altijd in dank wordt afgenomen. En dat dat soms aanvoelt als een stevige windvlaag die mijn hele hoofd en lijf overspoelt en heel even alles terug donker maakt waardoor ik de rand van de balk minder zie, is dan ook niet verwonderlijk. Het onbegrepen gevoel, het -ik weet niet goed hoe ik hiermee om moet- gevoel maar tegelijk ook weten dat de woorden die ik hoor eveneens komen uit een gevoel van onzekerheid van de andere. Ik begrijp het soms echt wel als dit aan bod komt tijdens een gesprek maar net dat begrip zorgt voor een tegenstrijdigheid die me eventjes van mijn stuk brengt.
Dus antwoord ik liever in alle eerlijkheid: “sommige dingen weet ik (nu nog) niet maar ik weet dat de richting die ik ga goed voelt. Dat ik mezelf geen druk wil opleggen over mijn toekomst en ik me eerder rustig voel in plaats van gelaten.”
Een oprecht antwoord naar de ander en naar mezelf. Tijd en geduld, ik had het vroeger nooit maar neem het nu wel. Niet achteruit maar ook niet te ver vooruit…een moeilijk iets zo blijkt. Een nieuwe grens die blijkbaar een gedragsverandering met zich mee brengt, een grens die ik zorgvuldig moet bewaken want ik voel dat dit wel eens cruciaal kan zijn voor wat de toekomst ook mag brengen.

8cf3ae4989eed9716bceece8d7b2da9a

 

Gewoonweg Awesome!

Met een dubbel gevoel trek ik op zondagvoormiddag de deur achter me toe om een frisse wandeling te maken tot aan het yogalokaal.
Nieuw is het niet, maanden geleden dat wel…Het was een wekelijkse routine, een krachtige vorm van yoga (waar ik nooit de naam van heb geweten).
En net zoals alles in die periode werd ook dit op een bepaald moment een bij voorbaat verloren race.

Nochthans is het een hele belangrijke regel in de yoga, luister naar je eigen lichaam en ADEM. Het werd er tot vervelens toe herhaald maar ik wou altijd dat tikkeltje meer van mezelf. Niet om te tonen aan een ander dat ik iets goed kon maar eerder omdat het voor mezelf nooit goed genoeg was, nooit goed genoeg aanvoelde.
Waar ik dat idee ooit van heb gehaald weet ik ondertussen en het brengt me naar een heel ver verleden die ik me maar vaag herinner maar het was de oorsprong van mijn extreme vorm van strengheid naar mezelf toe. Geen zoektocht naar bevestiging maar eerder een vorm van gebrek aan zelfappreciatie.

Als je doet wat je graag doet dan maakt het niet uit wat een ander ervan vindt! Het fungehalte, dat was mijn drijfveer en IK ben blij om af en toe die woorden al terug te vinden in die kronkels in mijn hoofd, die massa die zo zwart was toont zo nu en dan al een tintje grijs 😉 Maar onderweg naar de yoga mijmer ik nog na over deze gedachte.
Zelf verkondig ik tot op vandaag nog steeds dat ik niet competitief ben ingesteld, zelf zie ik er eigenlijk ook het nut niet van, dat competitief gedoe. Dat net die competitiedrang grotendeels voor de ultieme vervreemding had gezorgd, de vervreemding van mezelf, is moeilijk te vatten. Maar ik had het ook gevoeld, ik had me er ook ‘schuldig’ aan gemaakt. Alleen kon ik niet winnen want het was een competitite met mezelf, met de echte IK.
Het is een besluit die mijn gedachten de kans geeft om naar een volgend kronkeltje te stappen, het is een wedstrijd die voorbij is. En het feit dat IK zware klappen heb gevangen en mezelf terug moet herontdekken houdt het glimlachje op mijn gezicht niet tegen.
Een glimlach van opluchting, niet van overwinning, het zorgt dat enkele beslissingen stilletjes aan vorm krijgen in mijn hoofd en zet me terug op het pad richting ‘vooruit’.

De actieve vorm van yoga heb ik dus (eventjes) ingeruild voor de yin versie. En da’s wel even schrikken, het is een vorm die voor ontspanning zorgt en een gevoel van loslaten creëert.
Dat yoga soms als zweverig werd bestempeld, kon me de kast opjagen. Na het lopen was ik vroeger namelijk meer ontspannen dan na de yoga en waar ik yoga volg is de focus ook niet gericht op medidatie en aarding maar op beweging en ADEM.
Maar zonder een verhaal, zonder enig zweverig woord voel ik tijdens deze sessie een rust over me glijden die me in een dromerige sfeer brengt. Een streepje zon die door het raam op mijn gezicht schijnt geeft me het gevoel te zweven op wolken, die eveneens een waas over me laten glijden. Een witte waas en ookal is het een voor mij extreme vorm van rust, ik kan enkel maar denken “Wat voelt dit goed!”

Het was me wel al bekend dat gevoel, tijdens een allereerste sessie van relaxatietherapie had het me zelfs een lichte vorm van paniek gebracht. Mijn hoofd was voor het eerst in mijn hele leven echt ‘leeg’ en even dacht ik dat ik van een diepte naar een hoogte was gegaan die me zou gevangen houden, die te goed voelde om me terug te brengen. Dat ik een zweverig type zou zijn geworden, het type waar ik absoluut geen probleem mee heb en waarvan ik altijd zei dat ik er beter een klein beetje zou van hebben.
Ik had het! Ik genoot ervan! Maar eerlijk als ik ben, geef ik toe dat ik het niet altijd zou willen/kunnen. Die stilte, het gevoel van complete afwezigheid van adrenaline, ik vrees dat ik in een vorm van saaiheid zou vervallen die me al even onrustig zou maken.
Al lijkt het me wel ideaal om de combinatie van beide te vinden, af en toe van diepte naar hoogte gaan met het dagelijkse leven als tussensfeer om de voetjes op de grond te houden en in geen van beiden levenswijzen te extreem te gaan. Het is een balans waar van ik niet wist dat ik hem kon zoeken, het was onbestaande voor mij.

Dat zowel de relaxatietherapie en de yin yoga me tools geven om dat sprankeltje rust te geven in de dagdagelijkse sfeer is iets wat ik nooit had kunnen denken. Het is de eenvoud zelf. De gemeenschappelijke noemer?…ADEM!

De correcte manier, de verandering van manier, het bewust zijn van, het brengt me in elk van de 3 sferen (diep, hoog en tussenin) hetzelfde effect. Rust of bij momenten rustig worden toch, zelfrelativatie, zelfregulatie en heel af en toe ‘stilte’.

Ook bij het lopen is het iets wat heel voorzichtig aan bod komt, iedere beweging voel ik. Het lijkt alsof ik spieren en pezen heb waar die voordien niet waren en lopen zoals voordien lukt me simpelweg niet meer. Dagelijks beweeg en adem ik bewuster en bij iedere nieuwe ontdekking voel ik mezelf energieker worden, voel ik hoe mijn weg naar herstel een nieuwe weg is, die ik eerder nooit had opgemerkt.
Meer en meer begint het me te dagen ik zal nooit meer de oude worden, IK wil het ook niet. De echte IK heeft ‘gewonnen’ en moet nu gewoon herstellen terwijl het nieuwe pad wordt bewandelt.

De nieuwe IK ADEMT of zoals we in het West-Vlaams zeggen IK Awesome 🙂

207999363

Achteruitkijkgedicht

Terwijl ik mijn collega en een van mijn raadgevers vertel over een gedicht dat ik schreef in de periode dat ik thuis was, hoor ik mezelf eraan toevoegen dat ik twijfel om hem te delen. Maar hey, tis gedichtendag… 🙂
Het is somber, donker en vertegenwoordigd zowel de pijn als het mooie aan loslaten. Loslaten van dingen die zinloos zijn, loslaten van situaties die te veel energie vragen en zelfs loslaten van mensen…

Hoeveel geheimen schuilt onder de aarde
Als kisten vol goud maar zonder waarde
Een smachtend verlangen tot in eeuwigheid
Een ambitieus man, z’n roem en geld kwijt

Hoeveel gedachten waaien er mee
Al fluitend de lucht in tot ver over zee
Het pijnlijke wachten, tot dodens gebracht
Het mooie aan loslaten, voor altijd in ’t hart

Als water ter aarde, die enige traan
tot ongesproken woorden tot as zijn vergaan.

 

Geschreven in een sombere bui ergens in november 2018 . Van waar de woorden kwamen weet ik niet maar waarom dat weet ik nu wel. Het is een achteruitkijkgedichtje, eentje die me doet beseffen dat ik al mooie stappen heb gezet ookal ligt er nog een lange weg voor me.

hqdefault

Die kleine IK

En dan komen de grote vragen van de kleine mensjes!
Zelf heb ik er 2, een jongen en een meisje en zoals het cliche het wil zijn ze totaal verschillend.  Terwijl de een heel voorzichtig is in alles wat hij doet en veel nood heeft aan rust en regelmaat is de ander een wildebras die kan genieten van een luilekker momentje en 5 minuten later een kopstand in de zetel maakt.

Al vanaf het begin waren mijn man en ik het eens over hoe we de kids willen laten kennis maken met de wereld. Al van in het begin was het ook duidelijk dat ze qua gevoeligheid niet moeten onder doen voor hun mama.
HSP? tja van eentje is het al bevestigd, van de ander zou niemand er van schrikken.
Maar hoe doe je dat? De wereld tonen aan een kind zoals hij is?  De nuchtere, rationele blik van hun papa is de ideale aanvulling voor de dromerige, emotionele kant van mezelf. En ja, ik weet dat het hier waarschijnlijk veel mooier klinkt dan het in werkelijkheid is.
Onze hoofden zitten dan ook niet altijd tegelijk vol maar het woordje “Alarm” is goed gekend. Wie het zegt, wil heel even rust. Eenvoudig, duidelijk en makkelijk te onthouden en meestal werkt het, met de nadruk op meestal 😉

(Elkaars) stemmingen aanvoelen is dan soms wel ‘handig’, de neiging om het soms over te nemen is alles behalve makkelijk als je weet dat je je bewust moet blijven van wat nu jou emotie is en wat niet.
Een dagdagelijks leerproces wat mij betreft en hoewel ik natuurlijk wel het verschil ken tussen een kinderlijke emotie en een volwassen emotie kan ik niet anders dan toegeven dat het een zalig gevoel is om je als volwassenen even kinderlijk klein te maken, mee te denken op hun tempo, mee te zweven in hun dromen en al zingend te beschrijven hoe mooi  het leven wel kan zijn.
My inner child, het is nooit echt weggegaan bij me. Het is het laatste wat wegging in de donkere maanden, had zich diep in me verstopt, angstig voor de razene snelheid waar het me steeds meer in zag verdwijnen. Af en toe stak het zijn hand nog naar me uit, greep het heel hard vast en probeerde me weg te trekken uit de donkere waas waarin ik werd mee gezogen. Tot ik, de grote stoere ik, angstig rond me keek. Zoekend naar de kleine IK, angstig dat ik het niet meer zou vinden, verloren omdat ik zonder mijn kleine IK die 2 kleine mensjes niet meer kan tonen hoe mooi het kan zijn, de wereld, het leven…

Het is het eerste wat terug was, na het instorten werd het aangewakkerd om tevoorschijn te komen. Alsof de ogen van mijn kids, stilletjes vroegen of het nog wou spelen met hen. Of het mama terug kon laten zingen en dansen samen met hen, al walsend door het huis. Of het terug die gekke bekken kon toveren op dat grote mensen gezicht en samen grappen maken tot we neervallen van het lachen. Maar ook of het mama kan laten vertellen over hoe die ‘grote’ mensenwereld er uitziet in een taal die ze begrijpen. Op kinderformaat dus, we deden het altijd al zo. De leuke dingen, de lelijke dingen, niet verbergen maar hen bewust laten worden dat het niet altijd die rooskleurige wereld is die ze in hun dromen zien. Dat ookal zingen we soms op musicalachtige wijze over ‘a few of my favorite things’ er ook minder favoriete kantjes zijn. Geen onderwerp gaan we uit de weg, wereldnieuws of niet…de grote lijnen en scherpe kantjes van het leven verstoppen we niet.

En dus komen ook nu vragen. Wanneer ik even mijn notitieboekje neem en een ideetje wil neerpennen voor ‘project ik’ voel ik 2 fonkelende oogjes langs de zijkant van mijn arm meegluren. Met een betrappende lach kijk ik ze recht aan. ” Wat doe je?” vraagt hij met een al even nieuwsgierig als ondeugend toontje.
Nog voor ik kan antwoorden, zie ik dat aan de andere zijde van de tafel enkele minivingertjes met glitternagellak het boekje naar haar toe draait en klinkt het luidop
“Pro-ject-IK”

Wat HSP is weten ze al lang, een tijdje geleden legden we hen ook al uit wat burn-out betekent. Wonderbaarlijk hoe snel je dat kan uitleggen als je een elastiekje gebruikt en tot 10 telt terwijl je het meer en meer onder spanning zet.
“Stoooooooop!!! Zo maak je de elastiek kapot” en dan zie je de begrijpende blik en hoor je hen denken van “Oooooow, dat is het dus…” ze leggen vlugger de link dan je zou denken. Ze leren op die manier van ons maar als ze even later terug opgaan in hun spel bedenk ik me dat het omgekeerd net ook zo is.
Ze begrijpen het en laten dan hun eigen elastiekje terug wat los, de spanning los, traagjes genieten van wat hun blij maakt zodat hun ‘elastiekje’ niet onder spanning komt. Daar kan ik nog wat van leren 🙂

Maar “Project IK” had ik hen dus nog niet uitgelegd. Tuurlijk is het eenvoudig, ik voel me beter als ik kan schrijven, het helpt me en dat op zich is al een leuk antwoord. Maar ze vragen door. “Er staat daar positief egoïsme, wat bedoel je daarmee? Egoïstisch zijn is toch niet ok?” Dat hij bijna een tiener is en het woord al kent was ik bijna vergeten.
Een blad, een balpen en een slecht getekende weegschaal heeft hen de antwoorden op die vraag. “Positief egoïsme zorgt er voor dat niemand van de weegschaal valt en IK dus ook niet alleen achterblijft” Aangevuld met wat uitleg over wegcijferen, voorbij lopen, neerbuigend doen en zelfzorg zie ik hoe de speelgoedcentjes spreekwoordelijk vallen.
En wanneer ik enkele uren later hoor hoe ze het verhaal over ‘balans, WIN-WIN en positief egoïsme’ aan mijn man vertellen, komt er een trotse kinderlijke glimlach op mijn volwassen smoeltje 🙂

20190130_165302

Dansen in het bos

Dat het de laatste dagen beter met me gaat…Ik voel nog hoe die woorden enkele dagen geleden zich een weg zochten uit die bizarre hersenkronkels van me om zich al glijdend een weg te zoeken naar mijn vingers die met een enthousiast getokkel de zin vormden terwijl het hart het gevoel toen extra sterkte gaf.
Dat een kleine, onbenullige gebeurtenis dit helemaal kan doen wankelen en me al zwalpend van links naar rechts terug een grens laat zien is echter niet schrikken.
Na enkele maanden ken ik het ritme al, weet ik al dat er een nog een lange weg voor me ligt en dat het eentje is met ups and downs.

Het is onvoorspelbaar, het kan iets groots zijn maar evengoed klein. Het kan een aangrijpende gebeurtenis zijn maar evengoed iets dat niet kan worden verwoord. Een zin die een ondertoon heeft waardoor ik twijfel aan wat er nu echt bedoelt wordt, een kritische blik of een gespannen sfeertje die in de lucht hangt. Die ‘kleine’ onaantoonbare dingetjes, het was er de laatste dagen allemaal en op zuke momenten kan ik maar 1 ding denken ‘ it’s sucks to be HSP!’
Tuurlijk meen ik dat niet echt, als doorwinterde HSP’er heb ik al veel te veel ervaren dat het heel mooie dingen met zich kan meebrengen.
Maar soms is het dus een nadeel, dat buikgevoel, die intuitie. Wetende dat er iets is maar niet weten wat en er geen duidelijkheid over vinden. Het duurt even voor ik het loslaat, voor ik terug verder kan..dat het bij mij wat trager gaat is normaal, dat weet ik ondertussen al maar dat zulke ‘kleine’ dingetjes zo hard kunnen binnen komen is toch telkens weer een beetje schrikken, een beetje terug in de angst.

’t Is alsof je in een donker bos loopt en het net een tintje donkerder wordt, rationeel denk je dat er niets aan de hand is, dat er een wolk boven de bomen komt hangen. Maar als je heel stil bent, hoor je in de verte licht geritsel. Je voelt dat er iets sluipend op je afkomt, je buikt trekt samen en je ademhaling is het enige wat je hoort en die klinkt veel te luid.
Je maakt je heel klein, heel stil en je stopt je ademhaling in de hoop dat het de zware druk in je maag zal verlichten wanneer je er geen lucht bovenop propt. Maar de lucht stapelt zich op in je hoofd en helder denken gaat niet meer, je gedachten vervormen zich door de mix van angst en wantrouwen.
Verstopt in een hoekje blijf je verkrampt wachten tot de donkere waas voorbijkomt, de vuurgele ogen voel je branden wanneer ze jou richting uitkijken en je doet wat het beste is, wat je het beste lijkt. Je doet je anders voor, alsof je er niet bent en kruipt nog dieper weg in de hoop onzichtbaar te worden.
Je telt de seconden af tot het voorbij is, tot je weer uit je cocon kan komen en de omgeving weer helder is. Tot de invloed van alle ‘externe’ factoren weer genormaliseerd zijn en je je terug onder de noemer ‘normaal functionerend’ kan zetten.

Dat gevoel heb ik wel meer gehad en in de loop der jaren had ik een manier gevonden om hier mee om te gaan…Het was geen goeie manier, het was het “pleasen” van anderen door mezelf anders voor te doen. Het verstoppen van mijn gevoelig kantje en de stoerdere versie van mezelf laten opdraven om zo het gevecht aan te gaan. Tot ik dus enkele maanden geleden moegestreden en zwaar gekwetst heel lang ik ‘mijn’ hoekje kroop. Maar af en toe komt er dus al wat zonlicht door en durf ik de stralen te laten weerspiegelen om zo te laten zien wie ik echt ben, hoe ik echt ben. De kwetsbare IK met een intuitie die er meestal bonk op zit.

Op het korte stukje pad die ik reeds aflegde durfde ik zelfs al eens dat echte kantje te delen met anderen, mensen die ik ken maar ook mensen die ik minder goed ken en zelfs mensen die ik helemaal niet ken. Dat de reacties uiteenlopend zijn is normaal maar 1 ding doen ze allemaal…ze geven me de indruk dat ze oprecht zijn, oprecht en met respect. Soms is een reactie gemaakt van gesproken woorden, geschreven woorden of zelfs zonder woorden maar telkens voel ik aan wat er echt is aan de reactie en voor het eerst ervaar ik mijn buikgevoel niet als ambetant maar als euh…handig 🙂

Toen dat voor het eerst gebeurde dacht ik echt dat ik erdoor was, dat ik ‘genezen’ was en terug de draad kon oppikken van waar ik was gestopt. Het bleek een kort stukje draad te zijn want al gauw werd ik achteruit gegooid door de verlammende hand die me terug duwde en heel even de druk aanhield.
Al snel had ik door hoe het gaat en nu dans ik mee op het ritme. Ik laat me niet leiden en volg ook heel zeker niet maar wanneer het er is weet ik dat het eventjes tijd is om wat rust te nemen, op adem te komen en te wennen aan het nieuwe stukje dat voor me ligt.

En op de ‘betere’ slechte dagen (zoals vandaag dus) sterkt de gedachte me dat het binnenkort net omgekeerd zal zijn. Dat ik de nieuwe pasjes onder de knie zal hebben en dat ik terug eventjes al dansend het pad kan volgen.
“Maar wat zit er nu dan in je weg?” het is een kritische vraag die ik mezelf moet stellen. Om te weten waar ik mijn focus straks zal leggen, als het tijd wordt om na deze rustperiode verder te gaan.
En ik stel vast dat het deze keer weer iets is wat van diep komt. Het is de twijfel om mijn kwetsbaarheid te tonen maar dan samen met de schaamte die al jaren de stille sluiper in het bos was, die zich al jaren aan het versterken was. Het besloop me zonder dat ik het wist, wachtend op het ideale moment om genadeloos toe te slaan en het gevecht aan te gaan met diezelfde kwetsbaarheid.

Hoe ik me hier tegen moet wapenen weet ik nog niet, dat zal ik gaandeweg wel ontdekken. Dat deze gedachte zich vormt op dit moment stemt me goed want de woorden ‘het gaat eventjes niet zo ok’ vinden de weg uit mijn hersenkronkels veel moeilijker dan hun positieve tegenhanger. Onbesproken komen ze naar buiten in de vorm van stilte, afwezigheid, dromerigheid, verwardheid en zo nu en dan als een stille traan. Maar treuren doe ik niet want ik ken het ritme al, ik ken deze dans…en met mijn kwetsbaarheid als wapen dans ik mee onderweg naar een gewone betere dag.
Tot de twijfel en de schaamte zich heel klein maken. Tot ik terug echt IK zal zijn.

optimismquote