De eerste van drie (Boekrecensie: Overprikkeld)

Dat mijn zoektocht zich niet enkel beperkt tot het schrijven, bewegen, in vraag stellen van mezelf en mijn omgeving is een feit. Wat ik concreet doe tijdens mijn zoektocht valt hopelijk af te leiden uit mijn blogs (if not, laat het me aub weten!).
Maar iets wat ik misschien nog niet liet uitschijnen is het feit dat ik lees, veel en bijna dagelijks. In de meeste gevallen zijn het artikels, opiniestukken, blogs etc. omdat deze niet verspreidt moeten worden over verschillende dagen. De ene al wat boeiender dan de andere, al zou ik elke dag wel eentje kunnen delen. Dat ik dat niet doe komt vooral omdat ik denk dat ik als te opdringerig zou worden beschouwd. Alleen boeken, die lees ik naar mijn gevoel te weinig.

Boeken lezen is dus meestal iets voor verlofperiodes of als ik merk dat ik het enkele dagen na elkaar kan doen. Klinkt raar maar ik ben daarvoor te planmatig, te ongeduldig.
Iets waar ik dus verandering hoop in te brengen.
Boeken die een verhaal vertellen genieten in eerste instantie mijn voorkeur “hello, fantasy” denk ik dan. Klaar om me volledig te laten meevoeren.
Maar wanneer ik enkele weken geleden tijdens een superweekend bij onze noorderburen een winkeltje binnenstapte kocht ik zonder twijfel drie boeken die aansluiten bij mijn leefwereld, bij project IK.

De eerste is “Overprikkeld (eerste hulp bij hoogsensiviteit)” geschreven door Liesbeth Kamerling en Lieke Zunderdorp. Wat me bijna meteen opvalt is hoe gemakkelijk dit boek leest, opgebouwd in blokken, eenvoudig taalgebruik. Terugkerende structuur en een mooie afwisseling tussen globale inzichten en persoonlijke voorbeelden.
Dit samengevat in 6 thema’s:

  • Lichaam en Geest
  • Liefde en Relaties
  • Kinderen en Opvoeding
  • Talent en Werk
  • Grenzen en Overprikkeling
  • Rust en Balans

Na ieder thema heeft men een EHBO lijstje (Eerste hulp bij overprikkeling). Ook wordt het thema telkens kort samengevat in overzicht met weetjes.

Na het eerste deel moet ik echter het boek eventjes toeklappen. Hoewel de luchtige opmaak en aanpak van het thema is het voor mij een enorme spiegel die ik lijk vast te hebben. Dat ik hooggevoelig ben is iets wat ik al 16 jaar weet, dat ik er in die 16 jaar niet echt heb naar geleefd en me er zelf voor schaamde is iets wat de voorbije maanden duidelijk was geworden. Maar dit boek…het zegt me exact waar het op staat. Waar ik van wegliep en dat ik enkel mijn hooggevoeligheid inzette als er voordeel en schoonheid was.
Het laat me even verdwaasd achter en ik voel een angst opborrelen alsof ik naar mezelf sta te roepen “Zie je nu wel!” “”Waarom liep je weg!?”

Na enkele dagen lijkt mijn kwaadheid op mezelf te zijn weggeebt en lees ik het boek in 2 momenten uit. Het gaf me inzichten over wie ik ben, hoe ik best wel en best niet reageer.
Het bevestigt dat hoe ik de laatste weken bezig ben goed zijn maar evenzeer dat ik mijn focus ook goed moet houden. Op het einde worden nog een 9-tal vragen vermeld die me hierbij kunnen helpen wanneer ik het even niet meer weet. Het is dus een boekje die ik sowieso nog eens ter hand zal nemen om mezelf eventjes figuurlijk aan te kijken.

Kort omvat kan ik zeggen dat het een ideaal boek is voor iedere hsp’er die wel eens durft vast te lopen met zichzelf maar ook voor iedere niet hsp’er die meer inzicht wil in de leefwereld van HSP. Het liefst zou ik iedereen in mijn omgeving dit boek laten lezen, al weet ik dat dit niet mogelijk is het zou wel makkelijker zijn. Het onbegrip, de misverstanden over HSP, het onzekere gevoel die ik hierdoor soms ervaar, het zou niet volledig weg zijn maar toch wel al stukken beter.

Dat HSP’ers allemaal gelijk zijn is zo’n misverstand. Er zitten onder de HSP’ers nog veel verschillende persoonlijkheden en ieder heeft zijn eigen karakter die voor een ander kleurgeving zorgt. Een persoonlijke handleiding kan ik het dus niet noemen maar wel een handleiding, eentje die in zijn algemeenheid zowel de HSP’er als niet HSP’er kan verbinden.

20190316_133547

Vreemde storm

Dat een ochtend niet meer beter kan zoals de voorbije zondagochtend zullen mijn huisgenoten zonder twijfel bevestigen. Ze worden makkelijker, het duurt wat minder lang voor ik aanspreekbaar ben en het kan zelfs al eens gebeuren dat ik nog voor het ontbijt al loop te zingen.
Ok, ik geef het toe! Een aanval van ochtendhumeur zit er altijd in bij mij al zie ik het eerder als “geef me eventjes” tijd. Meestal is het na een uurtje beter, if not dan is het veelal de aanzet van een off-day.

Maar de voorbije zondag, gisteren dus, was het een prachtige ochtend.De zon scheen, de koffie rook heerlijk, de voorbije week was verteerd, de luie zaterdag had leuke herinneringen opgeleverd en ik voelde dat ik straalde terwijl ik dromerig naar buiten staarde. Het beloofde opnieuw een rustige, mooie dag te worden…dacht ik
De eerste helft van de dag was het ook effectief zo en terwijl ik volop van het ene moment na het andere aan het genieten was, begon ik in gedachten al te schrijven.  Mijn agenda was dan wel niet leeg er zou zeker nog voldoende vrije tijd zijn…dacht ik.

Een 2-tal uurtjes voor de middag begon het, een zacht gehuil leek het raam voorbij te zoeven. Ongezien en razendsnel voelde ik hoe er iets veranderde, alsof ik buiten mijn lichaam om keek hoe ik enkele tollende rondjes maakte door de wind die steeds heviger werd. Het zoefende geluid, het beukende gebons tegen de ramen, het krakende geluid van de plaatsjes waar de wind zich tegendrukte alsof hij hoopte een weg naar binnen te vinden.
Het leek alsof  hij rond het huis dwarelde, steeds opnieuw, steeds luider.
Mijn hoofd die zo leeg leek, was plots gevuld met rommelgedachten bestaande uit oude hersenspinsels en ‘wat als’ mijmeringen. Mijn gezicht vertroebeld, het geluid die zich buitenaf afspeelt baant zich een weg naar binnen en is zo overweldigend dat het lijkt of de kracht van de wind me naar beneden drukt.

In een poging te ontsnappen aan het helse lawaai die enkel in mijn hoofd weerklinkt, probeer ik te ontsnappen door een lange douche te nemen. Wanneer ik mijn ogen sluit en het water over mijn hoofd laat stromen, verzucht ik even. Maar net als ik denk dat het werkt merk ik dat het geluid me achtervolgt. Het afzuigsysteem heeft een weergalming van wat zich buiten afspeelt en het lijkt alsof het een onzichtbare hand vormt die mijn hoofd vastneemt en van onder het water sleurt. Het fluistert luid “Aaaaaaaangst!”
En mijn verzuchting die ik voelde keert zich van opluchting naar frustratie.

Wanneer ik beneden kom probeer ik nog om wat muziek te gebruiken als afleiding maar het is te laat. Mijn oren hebben hun grens bereikt en alleen stilte zou helpen.
Bij het lezen van de nieuwsberichten lijkt het eventjes wat beter te gaan. Het stormt overal? Het lijkt een rare vorm van geruststelling alsof ik in mijn paniekaanval echt overtuigd was dat het enkel in en rond ons huis was.
Dat de wind voor iedereen merkbaar was kon ik al aan mijn kids zien, dat het buiten was en dus overal had ik uiteraard ook wel door. Maar het beangstigend gevoel leek een wervelwind die enkel door mij raasde. Mijn ademhaling nam het waaiende tempo over, mijn hartslagmeter levert het naslagwerk als bewijs.

Helemaal uitgeput probeer ik de rest van de dag door te komen. De ergste paniek is voorbij, de komende windstoten geraken me telkens weer maar ik laat mijn energie los. Ik geef er me aan over, niet omdat ik wil maar omdat ik simpelweg geen kracht meer heb om me te verzetten. De wind heeft me verslagen voor vandaag…denk ik.
Me afblokken voor prikkels is heel moeilijk nu en de onrust zorgt voor een tempering van mijn creativiteit.
Dat het weer een invloed heeft op me is niet nieuw. Regen heeft een helend effect, zon beurt op, sneeuw maakt me (nog) speelser maar wind!? Wind zaait duidelijk paniek en ja het was een hevige storm daar zal niemand me in tegenspreken maar wanneer ik besef en toegeef dat ik buiten het weer geen enkele reden had om paniekerig te worden, besef ik eventjes dat dit vreemd is. Dat ik vreemd ben, anders. Meestal vind ik het niet erg, integendeel zelfs maar de wind en de bijhorende paniek maakt me kwetsbaar en tot mijn verwondering vind ik de kracht om het enkel te houden bij de feiten.

Wanneer de wind tegen de avond gaat liggen, beslis ik alsnog even wat frisse lucht te nemen. Wanneer ik door onze woonwijk wandel, voelt het alsof ik op een verlaten slagveld loop.
“Het is letterlijk stilte na de storm” hoor ik mezelf denken. Takken liggen overal rond, tuinafschermingen liggen hier en daar omver, allerlei objecten lijken een vreemde positie te hebben aangenomen… Diezelfde stilte na de storm doet me op een rare manier deugd, de frisse lucht, de beweging, het doet opnieuw wat het moet doen. Wanneer ik s’avonds uitgeput in bed kruip kan ik maar 2 dingen besluiten. Ik was bang en ik ben moe 🙂
Geen verdere mijmeringen, geen onnodige hersenspinsels die door de storm in mijn hoofd zijn blijven hangen. Tja, ik had een paniekaanval da’s duidelijk maar die is voorbij en ik kan terug verder.

Wanneer ik op maandagmorgen opsta, kijk ik door mijn raam. De wind raast door de bomen en even zucht ik en denk ik “not again!”.  Uit voorzorg kijk ik het weerbericht na en het belooft een pittige week te worden zo blijkt. Nog vermoeid van gisteren start ik mijn dag maar mijn voorzorgen zijn reeds gepland. Beweging, schrijven en op tijd gaan slapen. De kans dat ik deze week letterlijk van mijn sokken zal worden geblazen is groot maar ergens ben ik toch wel trots op hoe ik omging met deze storm. Hoe ik het gevoel kan benoemen en tegelijk ook kan relativeren. Hoe mijn gedachten meeraasden met de storm en hoe ik ze uiteindelijk liet wegwaaien door diezelfde storm. Hoe ik rust en stilte zocht en mijn energiepeil terug probeerde aan te vullen. Dat ik me vreemd voel hierdoor, is het enige wat blijft hangen. Maar dat is geen nieuwigheid voor mij, al heel mijn leven achtervolgt het gevoel anders te zijn me. Het is een gevoel die ik al heel lang een plekje heb gegeven, al heel lang naar iets positief heb kunnen ombuigen…IK ben uniek, zelfs al ben ik soms een beetje bang.

there-are-some-things-you-can-only-learn-in-a-storm-quote-1

Klimopkop

Het is best wel grappig, denk ik soms wanneer ik mezelf betrap op het teveel nadenken.
Fictieve gesprekken, analyses van wat ik allemaal ervaar, meningen die zich vormen. Voeg daarbij de overvloed aan indrukken toe en je hebt een korte omschrijving van wat er in mijn hoofd zit.
Het is ongeveer een jaar geleden dat iemand me luidop de vraag stelde “Wat zit er toch allemaal in da kopke van je?” Een vraag die ik beter nooit had proberen te beantwoorden als ik terug kijk op wat het allemaal teweeg bracht…alhoewel misschien was het wel goed om daar eens grote kuis te houden, in da kopke van mij 🙂

Wanneer ik op een dag zoals vandaag vaststel dat er niet zoveel te doen is, stemt het me goedgezind. En dat is lang geleden, een leegte in mijn agenda was voor mij gelijk aan paniek. A ja, ik zou me kunnen vervelen, niks te vertellen hebben, onnuttig zijn geweest…Het zijn hersenspinsels van toen die me nu doen beseffen dat ik telkens wegvluchtte om toch maar niet te hoeven nadenken over wat IK wil, hoe IK het wil.
Maar na enkele drukke dagen, ben ik blij dat dit moment is aangekomen. Rust, stilte en vooral tijd om in mijn hoofd terug de dingen uit te klaren, de indrukken te verwerken.

Dat bewegen in de buitenlucht de ideale manier is voor mij om dat te doen, was mij al langer bekend. Een loopje, iets meer dan een uurtje zou voldoende moeten zijn om de voorbije dagen te ordenen. De details over mijn dinges des levens zal ik jullie besparen. Ik ben namelijk van mening dat iedereen zijn eigen problemen heeft en dat een goeie babbel in real time voldoende is om de details aan te pakken. Pijnlijke momenten, slecht nieuws, grote en kleine obstakels…ze horen er allemaal bij voor iedereen. Al merk ik vaak dat mensen er liever van weglopen, het zijn negatieve zaken dat klopt en ze zijn niet leuk dat klopt ook.

Maar of ze er zijn door jezelf of door iets wat je niet in de hand hebt, ze zijn er en er moet mee worden omgegaan of je het nu wilt of niet. Ik begrijp als geen ander dat de keuze om van onprettige zaken weg te lopen veel gemakkelijker is maar ondertussen weet ik ook als geen ander dat het je rugzak des levens alleen maar zwaarder maakt.
Je kan ze de rug toekeren, er van weglopen, doen alsof ze er niet zijn, ze vermijden maar als je ze niet aanpakt blijven ze groeien. Zonder dat je het doorhebt worden ze groter en nemen ze meer en meer energie van je. Tot je uiteindelijk vaststelt dat je in een wurgreep wordt gehouden, dat je verlamt wordt door iets, je weet niet wat het is want het is al zo lang geleden dat je niet eens meer weet waar het precies begon.

Tijdens het schrijven denk ik spontaan aan klimop als vergelijking. Aanvankelijk is het niet zo erg, zo een beetje klimop die tevoorschijn komt op de gevel van je woning. Je aanvaardt dat het er is en denkt “ik hou het wel bij, ik zorg wel dat het in toom wordt gehouden”. Maar door omstandigheden, drukke agenda’s e.d. vergeet je dat het er is.
Tot je plots volledig omgeven bent door de kleine groene blaadjes die zich een weg hebben gebaand rondom je huis. Ze zitten overal en je weet niet meer waar te beginnen om het weg te krijgen. Het kan je behoorlijk van je stuk brengen, het is een wildgroei van zaken die je te lang hebt genegeerd en je dacht dat het wel vanzelf zou stoppen of misschien zelfs zou verdwijnen door de seizoenen heen. Maar uiteindelijk zit er maar 1 ding op, agenda leegmaken en aan de slag gaan…

Groene vingers heb ik niet en zal ik ook nooit krijgen maar de negatieve zaken heb ik de voorbije dagen direct aan gepakt, in gesprek met anderen maar ook met mezelf. Het brengt de sfeer niet in gevaar en zorgt voor duidelijkheid. Het gebeurt ook traag en er wordt voldoende stil gestaan bij wat de ander voelt maar ook bij wat IK voel. Het wordt gevolgd door rust en stilte zodat er bij het aanbreken van een nieuwe dag met een rustiger hoofd kan worden gestart en als het nodig is kan er over gepraat worden.
Dat het in de theorie allemaal perfect klinkt maar dat het in de praktijk niet zo feilloos gaat is een zekerheid die ik al kan bevestigen. Dat het wel al een pak beter voelt dan voorheen is een gevoel die ik ook kan bevestigen als een zekerheid.

Mijn loopje heeft de eerste aanzet gegeven, het ordenen van mijn gedachten.
Het schrijven brengt de rust en stilte in mijn gedachten die net zo belangrijk is. Het enige wat jammer is, is dat ik soms al eens durf te struikelen over mijn eigen gedachten. In mijn hoofd ben ik heel veel bezig met zaken waarover ik wil schrijven, mijn notitieboekje staat al vol met ideetjes om te delen. Maar soms is er gewoon een gebrek aan tijd heb ik de voorbije week moeten vaststellen. Dus af en toe een momentje niksen, een leeg dagje in mijn agenda en voor ik het weet doe ik wat ik graag doe. Doe ik wat IK wil doen om die klimopkop van me netjes te houden. Doe ik wat ik weet dat ik als HSP’er moet doen…rust en tijd nemen en schrijven!

thJ8TFSOBS

Stilte aub!

Dat het lentesnot een verkoudheid zou teweeg brengen zal niemand verwonderen maar dat het me in complete stilte zou hullen voor een 2 à 3-tal dagen is lachwekkend en frustrerend tegelijk.
Maar…ik hou vast aan de positieve dingen :-). De herinnering aan de voorbije 2 topweekendjes, de leuke plannen die in het verschiet liggen, de zon die schijnt, de me-time momentjes, de aangename kennismaking met enkele nieuwe mensen, het dansen op een mooi liedje tijdens de afwas, het lekker ontbijtje…

Zo kan ik wel nog een tijdje doorgaan. Ik wist het wel al maar zo 2 dagen in stilte doet het me nog iets meer beseffen. Elke dag is er wel iets positiefs te vinden, iets om dankbaar voor te zijn.  Ik zou het bijna als positief omschrijven, enkele dagen zonder stem maar daarvoor heeft er iets anders teveel aan mijn energie gevreten.

Na een uur of 3 merkte ik reeds dat ondanks de positieve vibe, de ongewilde stilte me de neiging bracht om meer in mijn hoofd te kruipen. Alsof ik me letterlijk wil omringen door mijn eigen gedachten in de hoop zo dicht mogelijk bij mezelf te blijven.
De indrukken, de stemmingen, het geluid, alles komt nog zoveel harder binnen. Wanneer het me op andere dagen te veel wordt kan ik altijd wel een beetje ventileren bij iemand die me door en door kent en in nood zing ik anders wel mee met een lied die past bij mijn mood maar nu blijf het stil…
IK moet even wennen aan dit gevoel, het lijkt wel de fysieke weerspiegeling van hoe ik me enkele maanden geleden voelde. Woorden, reacties, verwonderingen en frustraties ze razen door mijn hoofd aan een snelheid die geen geluidsgolf kan volgen. En wanneer er toch enkele woorden zijn die zich een weg vanuit mijn hersenen kunnen vinden in de hoop omgezet te worden in een zin die duidelijk kan maken wat ik bedoel, blijven ze steken. Halfweg mijn keel die deze keer wordt dichtgeknepen door een scheurend gevoel veroorzaakt door een teveel aan hoestpogingen. De letterlijke stilte en de extreme geluidsoverlast in mijn hoofd vertraagt me nog meer en ik vind mezelf jojoënd tussen participatie en isolatie.

Ik heb het nodig, zoveel is duidelijk, het menselijk contact, een leuke babbel enzo maar wanneer ik te moe ben neem ik de tijd om voor mezelf te zorgen en zonder ik me eventjes af. “Niemand kan me dat toch kwalijk nemen?” hoor ik mezelf denken
Tussen die balansmomentjes in, valt het me op dat ik nog meer analyseer. Over mezelf, mijn gedachten en emoties maar ook over die van de anderen.
Het is opvallend hoe snel het bij de meeste mensen gaat. Iedere situatie wordt aan een dodelijk tempo gecatalogiseerd in een vakje en bedekt met een beoordeling waar enkel “Goed” of “Slecht” op staat. Stilstaan bij de situatie, het bijhorende gevoel eventjes toelaten, de tijd nemen om het te verwerken…ik kan verkeerd zijn maar het lijkt alsof het nauwelijks wordt gedaan.

Wanneer ik een situatie als slecht ervaar, laat het me niet zo snel los en al zeker niet als het onverwacht is. Minstens 1 dag ben ik van de kaart en overloop ik mijn gevoel, sta ik stil bij wat het met mij en met anderen doet. In zulke situaties kan ik het niet wegsteken, doe ik het toch dan is dat in een vlaag van ‘schone schijn’. Zo’n vlaag waar ik dus eigenlijke een bloedhekel aan heb en me niet meer wil aan schuldig maken, al was het maar omdat dit betere acteerwerk me moe maakt. Het vreemde is dat er bij mij weinig gradaties zijn…een slecht gevoel is een slecht gevoel of het nu gaat over een kleine woordenwisseling of over een verhitte disscussie. Beiden kunnen me behoorlijk overdonderden en slepen dus nog een tijdje na. Als ik er effetief van wakker lig dan kan ik pas oordelen dat het voor mij emotioneel te heftig was, ongeacht wat het ook was.

Dat ongeveer hetzelfde opgaat bij een situatie die als goed ervaar is best wel vreemd. Een gemeende ‘Hoe gaat het met je?’, een oprechte ‘Dank je wel’, een leuke babbel…ook dat blijft me net iets langer bij. En ook daar ben ik me heel erg bewust van wat het met mij en met anderen doet. Het spreekt voor zich dat zulke dingen een glimach met zich mee brengen en wanneer ik voel hoe ik er van ga stralen weet ik dat het goed was, ongeacht wat het ook was. De straalmomenten zoals ik ze noem, herken ik omdat ze minstens 1 dag een sterk gevoel geven. Komt er een mindere situatie op mijn pad dan is het net iets makkelijker om daarmee om te gaan. Alsof er reeds een schild rond me staat die het negatieve net iets minder hard maakt.

Maar de stilte doet me beseffen dat het eigenlijk niet zo werkt, niet in de razendsnelle wereld waar we nu in leven. Wanneer ik nog volop analyseer wat er 2 minuten geleden is gebeurd of wanneer ik me probeer voor te bereiden op iets wat zeker nog komt, merk ik dat de mensen rondom mij al zijn doorgegaan. Het is reeds geplaatst in hun vakje, die al zorgvuldig is afgesloten. En wat tussen de regels in gebeurde werd niet opgemerkt, niet opgepikt…

Het is een ‘stille’ frustratie en aangezien eerlijkheid een belangrijke waarde is voor mij moet ik toegeven dat er een vleugje jaloezie in verweven zit. Soms denk ik echt dat het makkelijker zou zijn, minder voelen, minder opmerken. Het zou me minder energie kosten denk ik dan, al weet ik ondertussen uit ervaring dat het voor mij net andersom is. Een leven zonder heb ik geprobeerd, me verscholen achter de schaamte voor het feit dat ik HSP’er ben.
Ik kan alleen maar hopen dat wie het wel kan er ook effectief van geniet, van het snelle leven, want de gedachte dat ik het intens genieten van de kleine dingen, het net iets langer stilstaan bij emoties en gedachten, het tonen wie IK echt ben, terug zou moeten wegstoppen is veel erger dan de frustratie dat ik het niet kan.

Terwijl mijn stem een angstig klinkend maar terug verstaanbaar geluid produceert bedenk ik me dat ook dit een fysieke weerspiegeling is. Project IK, het ontstaan ervan, het groeien van…het is soms nog wat angstig en stil maar al meer uitgesproken dan wat het aanvankelijk was. Het verwonderd me nog steeds hoe het me helpt, hoe het zijn eigen weg gaat naar wat dan ook. En IK? IK geniet! 🙂

24cc3e1245a4b21866270ef8b9289170

 

Lentesnot!

 

Ze zijn vroeg dit jaar maar ik denk niet dat er veel mensen zijn die het als een probleem zien. Ik al helemaal niet dus de kans dat ik in al mijn enthousiasme het gegeven van de lentekriebels veralgemeen is niet onbestaande.
IK zou kunnen zegggen ‘hoe hard ik ook probeer, ik zie er geen nadelen aan’ maar de eerlijkheid gebied me toe te geven dat ik eigenlijk niet eens de moeite neem om te proberen 😉

Terwijl ik me al iets beter het verkeer ingeef klinkt op de radio een lied die een instant good mood mee brengt en zonder schroom zing ik mee:

“Als ie boven aan de hemel staat is ’t net of alles beter gaat
Alles ziet er anders uit als de zon schijnt
Iedereen komt uit z’n winterslaap door die mooie rooie koperen knaap
Alles ziet er anders uit als de zon schijnt
Niemand is zich meer van kwaad bewust, alle narigheid wordt uitgeblust
O wat is het leven fijn als de zon schijnt”

Dubbel Fun voor mij, de zon en leuke muziek. Dat de natuur een effect heeft op mij is niet verwonderlijk, als ik het zo hoor zijn de meeste HSP’ers natuurmensen. Maar het hoeft daarom niet altijd zon te zijn, zoals ik in een eerder stukje schreef heeft een regenbui bij mij eveneens een soort van helend effect en kan het mijn soms veel te druk hoofd zomaar leegspoelen.  Maar dat een streepje zon nog net iets meer voorkeur heeft kan ik niet ontkennen.
En ook muziek heeft altijd een vreemd iets teweeg gebracht bij mij. Voor iedere situatie vind ik vroeg of laat wel een bijpassende song. “Leuk” hoor ik je denken…meestal wel ja al zijn er dan natuurlijk ook wel liedjes die ik associeer met minder leuke situaties. Als die dan weerklinken kan de door mezelf aangekoppelde emotie het me soms wel lastig maken.
Het is dan ook een bijna onmogelijke taak om een favoriete song te kiezen maar de kans bestaat dat er zo nu en dan wel eens eentje hier passeert. Met muziek in de genen en in het hart is het voor mij dan ook vaak een ideale uitlaatklep of een ideaal ‘ik dompel me even onder in mijn emoties’ dingetje.

Maar goed, terug naar de lentekriebels. Ze hebben me geraakt, ze doen me al verlangen naar leuke wandelingen zonder die veel te dikke jas, naar mijn smoeltje die ik niet meer diep wegmofel in een hopelijk niet al te prikkelende sjaal. Want hoezeer ik enkele weken geleden nog genoot van de sneeuw, de kleren die je in een zonnige bui draagt zijn gewoon veel aangenamer. Lichtere stofjes, leuke kleurtjes, minder laagjes…
Zowel mijn huid als mijn gemoed zijn net iets meer fan 🙂
Maar na enkele dagen stel ik vast dat ik misschien iets te enthousiast ben geweest wanneer ik ’s morgens de kleerkast indook na het horen van het weerbericht.
Het gevolg van de veel en te vroege lentekriebels blijft dan ook niet uit, IK heet het “Lentesnot!”

Nu zou ik kunnen doordrammen over hoe ambetant het is, die neus die niet kan kiezen tussen verstoppertje spelen of een loopje te nemen. Die keel die aanvoelt alsof ik net een stukje schuurpapier heb ingeslikt, die kop die voor 1 keer voller zit met snot dan met zorgen, dat hoestje die me tijdens het sporten net te laat naar adem deed happen maar dat is dus niet echt het voorbeeld van ‘positief’.
Nee, wanneer ik mijn week afsluit kan ik vaststellen dat ik blij ben dat het snot er was. Het was een drukke week, veel te veel gepland, veel emoties, veel stemmingen van anderen terug opgepikt, en dus veel energie in het afblokken gestoken, de vragen die automatisch meer en meer naar boven komen drijven naarmate ik in mijn herstel vooruit ga. Ze zweefden allemaal rond in een watten hoofd met snot en dat bracht toch een vorm van verlichting.
Tuurlijk weet ik dat het niet in mijn voordeel is, mijn slaapt moest namelijk ook inboeten door de nachtelijke kuchjes en droge keel momentjes maar de momenten van rust, die ik ongegeneerd nam deden hun werk.

Nog niet uitgekucht, niet uitgehoest en zeker dat ik nog veel “Atsjoetjes” zal laten weerklinken waar mijn huisgenoten zich rot aan schrikken, kan ik echter wel het weekend positief instappen want ondanks alles en dankzij de rust die IK respecteerde (en me dus door sommigen ook wel werd gegund) kan ik met een kop vol snot maar zonder al te veel opgestapelde zorgen, emoties, piekerdingetjes, opgepikte stemmingen etc. een weekend instappen die, als de voorspellingen kloppen, opnieuw de nodige lentekriebels zullen meebrengen. IK zal er alvast van genieten…welisaar in iets warmere kledij dan 😉

IK als HSP’er

Het ging de laatste schrijfsels regelmatig over het burn-out kantje die ik de laatste maanden te vaak van dichtbij zag. Dat het schrijven me reeds goed hielp is een understatement maar anderzijds is er ook het gegeven dat ik HSP’er ben…en blijf 😉

Er zijn reeds duizenden artikels geschreven over wat HSP is dus de theoretische omschrijving zal ik jullie besparen maar voor wie graag wil weten hoe het voor mij is, lees zeker verder.

Al te vaak denkt men dat HSP een aandoening is maar in de 16 jaren dat ik er al weet van heb, is het iets wat ik overwegend als mooi en intens kan omschrijven.

HSP heb je niet, HSP ben je, het is een stukje van je of je het wil of niet. Het komt er op neer dat mensen die HSP’er zijn de zintuigelijke dingens des levens veel intenser beleven. Dankzij HSP besef ik dat genieten van iets, iets is wat in 10-voud wordt uitvergroot en dus kan iemand die HSP’er is genieten van de kleine dingetjes als geen ander.

Een tsjilpende vogel, het gelach van een kind die opgaat in een spel, de geur van het vers afgereden gras, het explosieve genot van smaken, het zien en aanvoelen van iemand die gelukkig is, de schittering van de zon die door de takken van de bomen speelt…op rustige momenten is het iets wat intens gelukkig maakt en doet beseffen dat geluk geen geld kost.

hsp-hooggevoelig-opsomming-1 (2).jpg

Voor mij is het een soort van gave die jaren geleden de verduidelijking gaf waarom ik me ‘anders’ voelde en waarom ik sommige dingen dacht, voelde, zag en hoorde. Nee, ik hoor geen stemmetjes, ik hoor ook niet ‘beter’ of ‘slechter’ maar ben gewoon alerter voor omgevingsgeluiden. En nee ik weet niet wat een ander denkt maar ik voel soms wel aan welke stemming er heerst bij iemand ookal doet men nog zo hard zijn best om het weg te stoppen.

Maar al te vaak denk ik dan vanuit mijn onzekerheid en/of empatisch vermogen dat ik of er iets mee te maken heb of er iets kan aan doen. Bijkomend weet ik dat onduidelijkheid (van mezelf en/of van de ander) de zaken alleen maar erger kunnen maken. Ook het overnemen van de stemmingen/emoties van een ander zijn me niet onbekend en  het gebeurd soms zonder dat ik het door heb. Emoties van mezelf, emoties van een ander, de soms intense beleving hiervan, het zorgt vaak voor veel verwarring en onduidelijkheid en kan me heel moe maken. Mijn grenzen op emotioneel vlak aangeven is dus heel belangerijk voor mijn ‘feel good mood’. Vandaar dat er soms mensen zijn die me helemaal niet als emotioneel maar eerder als afstandelijk kunnen ervaren.

Overgevoeligheid voor licht is iets wat me ook vaak parten speelt. Denk daarbij niet alleen aan discolichten die aan en uit flikkeren als een jojo met duracellbatterijtjes maar ook aan de heel normale, dagelijkse en vaak voorkomende vormen van licht zoals TL lampen, (te fel )zonlicht, krachtige ledlichtjes…

Enerzijds weet ik dat licht een prachtig schouwspel kan opleveren waar ik ook intens kan van genieten maar tegelijk maakt het heel moe. Dat ik er niet moet inkijken weet ik uiteraard al van kinds af aan maar zelfs een schittering van een te sterk licht in een klein uithoekje van mijn oog kan aanvoelen alsof er een cameraflits recht in mijn oog scheen.

Bij het negeren daarvan volgt er redelijk snel een branderig gevoel achter mijn oogkasten alsof er een vuurflits langs mijn ogen naar binnen sloop om uiteindelijk mijn hersenen oververhit te maken, het gaat vaak gepaard met een vreemde ervaring in mijn ogen en mijn hoofd. Zelfs bij het sluiten van mijn ogen, schijnt het licht nog even fel na, het drukt mijn ogen naar binnen en naar buiten tegelijkertijd en zorgt ervoor dat mijn hoofd net niet openbarst van de pijn.

En dan mijn oren, het is soms een geschenk en soms een vloek. Als het rustig is in mijn hoofd kan ik ze allemaal onderscheiden van elkaar. Een voorbeeld, ik lig op bed met het raam open. Buiten spelen er kinderen, is er getsilp van een vogel en enkele tuinen verder wordt het gras afgereden….ik hoor het allemaal maar kan perfect het onderscheid maken vanwaar het komt, wat dicht en ver is, wat luid en stil is. Ik geniet intens van elk geluidje apart, de niet ‘harde’ geluiden klinken zo als ze moeten zijn…zacht met een vleugje van geluk en ze brengen een glimach op mijn gezicht en een glinstering in mijn ogen.

Maar als het te druk is in mijn hoofd (door eender welke reden) dan zijn de spelende kinderen, de tsjilpende vogel en de buurman met zijn grasmachine zaken die precies naast mijn oren staan. Om ter luidst proberen ze mijn hoofd binnen te geraken, hun ‘onbedoeld’ vreselijk lawaai lijkt een ander toonhoogte te hebben dan wanneer er wel rust is. En mijn oren vullen zich met alle geluiden die er eventueel bijkomen.

Het geritsel van papier, een hap die wordt genomen in een appel, het getokkel op het toetsenbord, iemand die ademt…stuk voor stuk worden die geluiden ervaren als nagelgekras op een krijtbord. Alles samen dringen ze als een valse fanfare mijn beide oren binnen om in mijn hoofd een symfonie te spelen van helse geluiden, met een volume die onmeetbaar is.

Dat vullen van de oren is echt fysiek voelbaar, ik voel dan een vreselijke spanning in mijn oren alsof ik te grote oordopjes in heb. De spanning in mijn oren creëert een druk op mijn trommelvlies die zowel van buitenaf als van binnenuit komt, het negeren daarvan kan ik simpelweg niet want dit zou betekenen dat ik op een bepaald moment de neiging zou hebben om tegendruk te geven en blijvende schade toe te brengen aan mijn trommelvlies. Ooit zag ik in een film iemand knettergek worden van geluid, uit pure wanhoop duwde hij iets in zijn oor…tuurlijk was dat fictie maar ik kon me het gevoel zo voorstellen. Alles om verlichting te brengen in die oren en in het hoofd moet dat personage hebben gedacht. Gelukkig besef ik op zulke momenten wel altijd dat dit geen oplossing zou zijn. Nee, als mijn gehoor overprikkeld is ben ik weg. Op zoek naar rust en stilte, in mijn oren en in mijn hoofd.

Enkele dagen geleden kreeg ik de vraag van mijn arts of ik op een of andere manier voor mezelf kan aanvoelen wanneer er een grens moet worden gesteld. Dat ik op emotieel vlak hiervoor opzoek ben naar positief egoïsme, aka zelfzorg is 1 iets. Maar dat het stellen van die grenzen soms ook energie vraagt, geeft aan dat ik op gebied van emoties nog een lange weg heb te gaan.

Wat licht betreft is het eenvoudig, geen rust of te moe = vermijden van voor mij te felle lichten. En ook wat lawaai betreft is het vermijden van drukte, het opzoeken van stilte het enige wat ik kan doen. Maar…

‘Dat zijn zaken die aangeven dat ik ergens over een grens ga’ Wat voel ik er net voor?

De uitlokkende factoren zijn bepaald, de lapmiddeltjes zoals er zijn duidelijkheid, rust, stilte, schrijven,…ze werken en soms heb ik er veel van nodig soms weinig.

Maar de vraag naar ‘voorkomen van’…blijkt dus niet enkel voor burn-out te spelen maar ook voor overprikkeling. Wat voel ik net voor ik overprikkeld geraak? Nog geen idee op vandaag maar tijd brengt antwoorden. De fase van zelfbewust zijn werd de laatste dagen duidelijker, het belang van zelfzorg nogmaals bevestigd.

Maar gelukkig ervaar ik ook terug meer en meer dat HSP’ er zijn, gelijk staat aan eenvoud, schoonheid, authenticiteit… IK voel me al meer terug IK, terug echter 🙂

49831864_10218340606009536_1999796163825369088_n

Voorkomen is beter dan genezen!?

Iedereen kent het wel, ooit moest je er heen voor school en later voor het werk. Voor een groot deel mensen is het nog steeds iets wat nu eenmaal bij de jaarlijkse to do’s hoort en voor anderen (zoals ik) is de wetgeving zoveel verandert dat we er zelden tot nooit meer naar toe moeten. Zonder over de wetgeving uit te wijden komt het er op neer dat er zelf kan worden gevraagd om langs te gaan.

Sinds ik terug aan het werk ben is het dan ook een vraag die al enkele keren in mijn hoofd oppopte. Wat ik aanvankelijk vreemd vond want vroeger stond ik nooit te springen om een plastic potje op bevel te vullen, geluidjes in mijn oren te laten blazen, tekeningetjes te bekijken en nog andere zaken die vooral gericht zijn op het fysieke presteren en dus meestal ook maar fysieke problemen aan het licht brengen.

Het is in mijn geval dan ook iets wat gewoon nog niet ten volle aan bod kwam. Na de chrash was het eerst en vooral een kwestie om zowel de fysieke en medisch overduidelijk aantoonbare diagnose aan te pakken. Om vervolgens toch nog te horen dat ik naast wat aantoonbaar is toch ook nog met een andere diagnose aan de slag moest.

Het ‘aanvaarden’ van de burn-out symptomen, het is iets waar ik op dit moment geen moeite meer mee heb en waarvan ik schrik dat het toegeven alleen al zorgde voor grote stappen richting vooruit.

Maar vanwaar kwam het? Waarom heb ik het niet zien aankomen? Met die vragen was ik de laatste weken bezig en tot mijn eigen verwondering kom ik tot de vaststelling dat ik al bezig was van voor mijn chrash. Dat ik op ieder vlak in mijn leven aan het ontsporen was, was me deze zomer nog niet duidelijk maar instictief pakte ik toch al enkele prive-issues aan. Mentaal was ik al veel langer gechrast zo blijkt maar fysiek had ik iets meer reserve.

Het bleek echter net te laat want ook die fysieke grens werd heel langzaam overschreden. Alsof ik net voor de finisch in elkaar zakte maar met alle kracht mezelf vooruitsleepte naar wat ik dacht de finisch te zijn. Het bleek het ‘randje’ van iets heel anders te zijn…

Maar ook dit werd ondertussen aan gepakt. En net zoals alles wat reeds werd aangepakt is er ook de nodige aandacht voor de preventie.

Nu weken later is er echter nog een iets, nog een onderdeeltje waar ik ook teveel van mezelf heb gegeven de voorbije jaren…my JOB!

Wat ik zelf kan doen is duidelijk, dat ik mijn grenzen moet durven aangeven en dus ook mezelf moet durven zijn en dat ik dat, ondanks de bijhorende stroefheid, moet blijven doen. Maar dus ook dat ik best eventjes langs ga bij het medisch onderzoek, al was het maar voor een beetje helderheid rond mijn prangende vraag “Wat kan er preventief worden gedaan?”

Wanneer ik tegenover de arts zit hoor ik mezelf tot mijn eigen verwondering zeggen dat ik niet akkoord ga met de stelling dat burn-out een werkgerelateerde aandoening is.

Ok, ik zat op het randje en weet dus misschien niet ten volle wat het is maar dat het randje er door een combinatie van verschillende factoren kwam en dus niet louter en alleen door het werk is iets waar ik geen seconde aan twijfel. Na mijn verhaal te doen en toe te lichten hoe ik mijn herstel tot nu toe aanpakte, is mijn verwondering nog groter als ik hoor dat ik wel een punt heb als ik zeg dat het eerder aan de ‘race’ des levens ligt. Maar op mijn kernvraag blijft het stil…

Hoe maak je dit bespreekbaar? Want nu ik voor mijn gevoel heb gevonden welke richting ik uit moet is het ook nodig om te kijken hoe dit in het dagdagelijkse kan worden gepast.

En uiteraard is dit een stukje zelfzorg maar toch…als ik rond me kijk zie ik dat het een taboe is die dringend moet doorbroken worden. Bijna zou ik zeggen dat ik er van wakker lig maar daarvoor let ik teveel op mijn slaap de laatste maanden 😉

Al kan ik niet ontkennen dat ik het een spijtige zaak vind dat er blijkbaar weinig bestaat rond preventie van burn-out. Voor het stukje zelfzorg ben ik enerzijds dan wel zelf verantwoordelijk maar anderzijds is het eveneens zo dat er nog te weinig geweten is wat er dan op werkgebied kan worden gedaan terwijl de perceptie dat het een werkgerelateerde aandoening is volop leeft en in vele gevallen is dit stukje ook het eerste wat men aanpakt.

Al wil ik niet te negatief doen hierover, mijn zoektocht is en blijft iets wat ik als positief wil blijven ervaren. Ik kan uiteindelijk besluiten dat hoe klein het stapje is die het medisch onderzoek me gaf, het toch ook een stapje vooruit is. Het maakt me benieuwd wat het uiteindelijk met zich zal meebrengen, hoe ik dit puzzelstukje kan doen passen in mijn herstel. En hoe ik binnenkort mijn focus kan/zal/wil verleggen van herstel naar voorkomen van….to be continued!

voorbeeld-quote-burn-out-is-niet-een

Daar trek IK een lijn!

Hoe het nu met me gaat? Of het al beter is? Dit en nog vele varianten ervan krijg ik regelmatig te horen. Meestal zijn ze oprecht en zijn ze de aanzet tot een gesprek die een wederzijdse inprint nalaat.
Soms ook heel onverwacht…wanneer ik onlangs de vraag kreeg van een collega waar ik een normaal contact mee had was ik ontroerd door de oprechtheid die weerklonk.
Niet de typische, vluchtige versie die eerder ontstaat uit een ingeburgerd domino-effect maar de ‘nu we even tijd hebben, wil ik je laten weten dat je het ook kan/mag zeggen als het niet zo goed zou gaan.’ Een heel eenvoudige, oprechte “Hoe gaat het nu echt met jou?” kreeg dan ook een heel eerlijk antwoord.

Maar wanneer de vraag duidelijk eerder uit een aangeleerde vriendelijkheid komt en het antwoord heel vaag moet blijven is dit dan ook kort en snel. “Goed!” zeggen en me al schuldig voelen omdat ik lieg. Of ‘dat gaat’, ‘op ’t gemakske’ ‘ca va’…zijn de vele varianten die dus vaak als antwoord worden gebruikt.
Soms probeer ik wel eens om vlakaf “Slecht!” te zeggen. Moet kunnen toch?
Enerzijds werkt de eerlijkheid als een opluchting anderzijds is het dan ook wel duidelijk dat dit antwoord niet wordt verwacht en soms zelfs niet wordt getolereerd.

Om hiermee om te gaan heb ik ondertussen enkele zaken toegepast die wel werken. Uiteraard moet ik de standaardantwoorden blijven gebruiken maar afhankelijk van wie de vraag komt (en van de tijd die die persoon heeft) wijk ik hier van af indien nodig.
Maar heel vreemd zal het klinken als ik vertel dat ik af en toe in de spiegel kijk en de vraag aan mezelf stel. Zo dus ook de laatste dagen…

“Het voelt goed” gevolgd door een “tis te zien op welk vlak” De tegenstrijdigheid in die 2 antwoorden geven me de indruk dat ik me op een evenwichtsbalk bevind.
Rustig blijven, ademen, op de houding letten, op de voeten letten, de rand in het oog houden en tot slot niet vergeten om vooruit te gaan. De ene dag voelt het aan als een spannend iets want waar de balk uiteindelijk uit zal uitkomen is nog niet duidelijk, de andere dag is net dat feit de oorzaak dat er een angstig gevoel naar boven sluipt. Zoekend naar een plaatstje in mijn hoofd om daar te malen en me te herinneren aan het feit dat ik ieder moment naar beneden kan tuimelen. Dus ja, ik ga nog wat traag vooruit (letterlijk en figuurlijk) en af en toe ga ik misschien zelfs op de balk zitten om wat rust te nemen. En gelukkig wordt dat meestal wel begrepen. Met de nadruk op meestal.

Het is namelijk zo dat mijn rust soms wordt verward met gelatenheid, dat de grenzen die ik nu stel soms overkomen als demotivatie en dat de traagheid me niet altijd in dank wordt afgenomen. En dat dat soms aanvoelt als een stevige windvlaag die mijn hele hoofd en lijf overspoelt en heel even alles terug donker maakt waardoor ik de rand van de balk minder zie, is dan ook niet verwonderlijk. Het onbegrepen gevoel, het -ik weet niet goed hoe ik hiermee om moet- gevoel maar tegelijk ook weten dat de woorden die ik hoor eveneens komen uit een gevoel van onzekerheid van de andere. Ik begrijp het soms echt wel als dit aan bod komt tijdens een gesprek maar net dat begrip zorgt voor een tegenstrijdigheid die me eventjes van mijn stuk brengt.
Dus antwoord ik liever in alle eerlijkheid: “sommige dingen weet ik (nu nog) niet maar ik weet dat de richting die ik ga goed voelt. Dat ik mezelf geen druk wil opleggen over mijn toekomst en ik me eerder rustig voel in plaats van gelaten.”
Een oprecht antwoord naar de ander en naar mezelf. Tijd en geduld, ik had het vroeger nooit maar neem het nu wel. Niet achteruit maar ook niet te ver vooruit…een moeilijk iets zo blijkt. Een nieuwe grens die blijkbaar een gedragsverandering met zich mee brengt, een grens die ik zorgvuldig moet bewaken want ik voel dat dit wel eens cruciaal kan zijn voor wat de toekomst ook mag brengen.

8cf3ae4989eed9716bceece8d7b2da9a

 

Gewoonweg Awesome!

Met een dubbel gevoel trek ik op zondagvoormiddag de deur achter me toe om een frisse wandeling te maken tot aan het yogalokaal.
Nieuw is het niet, maanden geleden dat wel…Het was een wekelijkse routine, een krachtige vorm van yoga (waar ik nooit de naam van heb geweten).
En net zoals alles in die periode werd ook dit op een bepaald moment een bij voorbaat verloren race.

Nochthans is het een hele belangrijke regel in de yoga, luister naar je eigen lichaam en ADEM. Het werd er tot vervelens toe herhaald maar ik wou altijd dat tikkeltje meer van mezelf. Niet om te tonen aan een ander dat ik iets goed kon maar eerder omdat het voor mezelf nooit goed genoeg was, nooit goed genoeg aanvoelde.
Waar ik dat idee ooit van heb gehaald weet ik ondertussen en het brengt me naar een heel ver verleden die ik me maar vaag herinner maar het was de oorsprong van mijn extreme vorm van strengheid naar mezelf toe. Geen zoektocht naar bevestiging maar eerder een vorm van gebrek aan zelfappreciatie.

Als je doet wat je graag doet dan maakt het niet uit wat een ander ervan vindt! Het fungehalte, dat was mijn drijfveer en IK ben blij om af en toe die woorden al terug te vinden in die kronkels in mijn hoofd, die massa die zo zwart was toont zo nu en dan al een tintje grijs 😉 Maar onderweg naar de yoga mijmer ik nog na over deze gedachte.
Zelf verkondig ik tot op vandaag nog steeds dat ik niet competitief ben ingesteld, zelf zie ik er eigenlijk ook het nut niet van, dat competitief gedoe. Dat net die competitiedrang grotendeels voor de ultieme vervreemding had gezorgd, de vervreemding van mezelf, is moeilijk te vatten. Maar ik had het ook gevoeld, ik had me er ook ‘schuldig’ aan gemaakt. Alleen kon ik niet winnen want het was een competitite met mezelf, met de echte IK.
Het is een besluit die mijn gedachten de kans geeft om naar een volgend kronkeltje te stappen, het is een wedstrijd die voorbij is. En het feit dat IK zware klappen heb gevangen en mezelf terug moet herontdekken houdt het glimlachje op mijn gezicht niet tegen.
Een glimlach van opluchting, niet van overwinning, het zorgt dat enkele beslissingen stilletjes aan vorm krijgen in mijn hoofd en zet me terug op het pad richting ‘vooruit’.

De actieve vorm van yoga heb ik dus (eventjes) ingeruild voor de yin versie. En da’s wel even schrikken, het is een vorm die voor ontspanning zorgt en een gevoel van loslaten creëert.
Dat yoga soms als zweverig werd bestempeld, kon me de kast opjagen. Na het lopen was ik vroeger namelijk meer ontspannen dan na de yoga en waar ik yoga volg is de focus ook niet gericht op medidatie en aarding maar op beweging en ADEM.
Maar zonder een verhaal, zonder enig zweverig woord voel ik tijdens deze sessie een rust over me glijden die me in een dromerige sfeer brengt. Een streepje zon die door het raam op mijn gezicht schijnt geeft me het gevoel te zweven op wolken, die eveneens een waas over me laten glijden. Een witte waas en ookal is het een voor mij extreme vorm van rust, ik kan enkel maar denken “Wat voelt dit goed!”

Het was me wel al bekend dat gevoel, tijdens een allereerste sessie van relaxatietherapie had het me zelfs een lichte vorm van paniek gebracht. Mijn hoofd was voor het eerst in mijn hele leven echt ‘leeg’ en even dacht ik dat ik van een diepte naar een hoogte was gegaan die me zou gevangen houden, die te goed voelde om me terug te brengen. Dat ik een zweverig type zou zijn geworden, het type waar ik absoluut geen probleem mee heb en waarvan ik altijd zei dat ik er beter een klein beetje zou van hebben.
Ik had het! Ik genoot ervan! Maar eerlijk als ik ben, geef ik toe dat ik het niet altijd zou willen/kunnen. Die stilte, het gevoel van complete afwezigheid van adrenaline, ik vrees dat ik in een vorm van saaiheid zou vervallen die me al even onrustig zou maken.
Al lijkt het me wel ideaal om de combinatie van beide te vinden, af en toe van diepte naar hoogte gaan met het dagelijkse leven als tussensfeer om de voetjes op de grond te houden en in geen van beiden levenswijzen te extreem te gaan. Het is een balans waar van ik niet wist dat ik hem kon zoeken, het was onbestaande voor mij.

Dat zowel de relaxatietherapie en de yin yoga me tools geven om dat sprankeltje rust te geven in de dagdagelijkse sfeer is iets wat ik nooit had kunnen denken. Het is de eenvoud zelf. De gemeenschappelijke noemer?…ADEM!

De correcte manier, de verandering van manier, het bewust zijn van, het brengt me in elk van de 3 sferen (diep, hoog en tussenin) hetzelfde effect. Rust of bij momenten rustig worden toch, zelfrelativatie, zelfregulatie en heel af en toe ‘stilte’.

Ook bij het lopen is het iets wat heel voorzichtig aan bod komt, iedere beweging voel ik. Het lijkt alsof ik spieren en pezen heb waar die voordien niet waren en lopen zoals voordien lukt me simpelweg niet meer. Dagelijks beweeg en adem ik bewuster en bij iedere nieuwe ontdekking voel ik mezelf energieker worden, voel ik hoe mijn weg naar herstel een nieuwe weg is, die ik eerder nooit had opgemerkt.
Meer en meer begint het me te dagen ik zal nooit meer de oude worden, IK wil het ook niet. De echte IK heeft ‘gewonnen’ en moet nu gewoon herstellen terwijl het nieuwe pad wordt bewandelt.

De nieuwe IK ADEMT of zoals we in het West-Vlaams zeggen IK Awesome 🙂

207999363

Achteruitkijkgedicht

Terwijl ik mijn collega en een van mijn raadgevers vertel over een gedicht dat ik schreef in de periode dat ik thuis was, hoor ik mezelf eraan toevoegen dat ik twijfel om hem te delen. Maar hey, tis gedichtendag… 🙂
Het is somber, donker en vertegenwoordigd zowel de pijn als het mooie aan loslaten. Loslaten van dingen die zinloos zijn, loslaten van situaties die te veel energie vragen en zelfs loslaten van mensen…

Hoeveel geheimen schuilt onder de aarde
Als kisten vol goud maar zonder waarde
Een smachtend verlangen tot in eeuwigheid
Een ambitieus man, z’n roem en geld kwijt

Hoeveel gedachten waaien er mee
Al fluitend de lucht in tot ver over zee
Het pijnlijke wachten, tot dodens gebracht
Het mooie aan loslaten, voor altijd in ’t hart

Als water ter aarde, die enige traan
tot ongesproken woorden tot as zijn vergaan.

 

Geschreven in een sombere bui ergens in november 2018 . Van waar de woorden kwamen weet ik niet maar waarom dat weet ik nu wel. Het is een achteruitkijkgedichtje, eentje die me doet beseffen dat ik al mooie stappen heb gezet ookal ligt er nog een lange weg voor me.

hqdefault